donderdag 30 juni 2016

Ideaalbeeld van zelfredzaamheid blijkt in praktijk lastig te zijn

Mensen met een beperking en ouderen worden steeds vaker gevraagd om zelfredzaam te zijn, maar dit blijkt makkelijker gezegd dan gedaan. Een team van sociale wetenschappers onderzoekt de langdurige gevolgen van de decentralisatie, waardoor jeugdzorg en langdurige zorg nu de verantwoordelijkheid is van gemeenten. 
De zelfredzaamheid van burgers speelt ook een rol binnen de decentralisatie. .

Vandaag deelt het team hun tussentijdse bevindingen, zo meldt Trouw.  Het ideaal van zelfredzaamheid wordt breed gedragen door politici, zorgprofessionals en wijkteams. Wie hulp nodig heeft, zou een beroep kunnen doen op vrienden, familie of buren. Het lijkt een haalbaar ideaal, maar in de praktijk lijkt dit tegen te vallen. Dit komt onder andere omdat mensen hun sociale netwerk niet willen belasten met hun hulpvraag, of omdat iemands naasten zelf ook niet de capaciteit hebben om hulp te bieden.

Uit de gesprekken die de wetenschappers voerden met zo'n 250 cliënten en hun hulpverleners, bleek dat de cliënt het zelf lastig vindt om anderen om hulp te vragen. Het is voor wijkteams moeilijk om tegen de wil van de cliënt alsnog hulp te vragen aan het sociale netwerk van die persoon. Sociaal wetenschapper Femmianne Bredewold ziet het ideaalbeeld van zelfredzaamheid als een mooie gedachte, maar ook als een 'armoedig ideaal', zo laat ze weten aan Trouw. “Sommige mensen hebben gewoon hulp nodig. Dat is al erg genoeg, bespaar hen die pijnlijke ervaring ze steeds te vertellen dat ze zelfredzaam moeten zijn, terwijl ze dat niet kunnen. En maak geld vrij voor hulp.”

De groep sociale wetenschappers van de Universiteit voor Humanistiek en de Universiteit van Amsterdam onderzoeken van 2015 tot 2018 de gevolgen van decentralisatie in zes gemeenten. Een belangrijke tussentijdse observering is dat wijkteams nog niet genoeg handelen om zelfredzaamheid van cliënten te bereiken.

Bron: Nationale Zorggids

maandag 20 juni 2016

Waar blijven de WMO-gelden?

50PLUS wil graag weten of de WMO-gelden bij gemeentes worden gebruikt waar ze voor bedoeld zijn. Daarom stuurt Wout Jansen, fractievoorzitter van 50PLUS in de provincie Flevoland, een WOB-verzoek naar alle 6 gemeenten. Op die manier wil 50PLUS controleren of de gemeenten zich wel houden aan de afspraken. Dan zal ook duidelijk worden of de recente rechterlijke uitspraken worden nageleefd.

In veel steden lopen inmiddels diverse juridische procedures hieromtrent. De Statenfractie van 50PLUS is van mening dat de door het Rijk ter beschikking gestelde WMO-budgetten aan gemeenten, ook ten volle hieraan besteed moeten worden. Met de overschotten zouden eventuele bezuinigingen teruggedraaid kunnen worden, zodat er weer maatwerk geleverd kan worden. 
Om een goed overzicht te verkrijgen hoe het nu precies financieel en beleidsmatig zit bij de Flevolandse gemeenten heb ik als fractievoorzitter, namens de Provinciale Statenfractie, bij de zes gemeenten in Flevoland per afzonderlijke brief en op grond van de Wet Openbaar Bestuur (WOB) hier onderstaande vragen over gesteld.

Op basis van dit uitgangspunt wordt een beroep op de Wet openbaarheid van bestuur gedaan en wordt het college van Burgemeester en Wethouders verzocht de volgende 13 vragen over de besteding en een eventueel overschot van het WMO-budget 2014 respectievelijk 2015 te beantwoorden.

  1. Welk bedrag heeft uw gemeente in het kader van het deelfonds sociaal domein/WMO-gelden in 2014 en respectievelijk in 2015 van het Rijk ontvangen?
  2. Wat is het totaal bedrag in 2014 en respectievelijk 2015 aan de WMO besteed?
  3. Heeft uw gemeente een overschot in 2015 van het WMO-budget? Zo ja, hoe hoog is het bedrag?
  4. Welke analyse ligt volgens u ten grondslag aan het overschot in 2015 van het WMO-budget?
  5. Heeft u dit overschot geoormerkt als toekomstig te besteden WMO-budget? Zo nee, gaat u dat wel doen en onder welke voorwaarden?
  6. Hoeveel cliënten hebben in 2014 en respectievelijk in 2015 in het kader van de WMO ondersteuning ontvangen, dit tevens verdeeld naar diensten en producten?
  7. Hoeveel aanvragen tot indicatie om in aanmerking te komen tot WMO heeft u in 2014 en respectievelijk in 2015 ontvangen?
  8. Hoeveel van deze aanvragen hebben geleid tot het afgeven van een indicatie tot het verlenen tot de toegang van de zorg op basis van de WMO?
  9. Hoeveel indicatie aanvragen zijn door u afgewezen en op basis van welke gronden?
  10. Hoeveel afgewezenen zijn bij u in bezwaar gegaan en tegen welk besluit uwerzijds én hoeveel zijn hiervan door u gegrond verklaard?
  11. Hoeveel indicaties huishoudelijke hulp zijn in 2014 en respectievelijk in 2015 verleend en hoeveel uren zijn hier in totaal gemiddeld per aanvrager verstrekt in 2014 en respectievelijk in 2015?
  12. Met welke zorginstanties heeft uw gemeente respectievelijk in 2014 en 2015 contracten afgesloten en welke zorgproducten en -diensten zijn in deze contracten opgenomen?
  13. Wat en welke bedragen heeft u letterlijk in uw jaarrekening 2015 verwoord met betrekking tot de WMO?



woensdag 15 juni 2016

Economische kracht 55plussers onbenut

In vergelijking met andere landen presteert Nederland matig op het gebied van het benutten van de economische kracht van werknemers van 55 jaar en ouder.
Van de 34 onderzochte OESO-landen, de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling, bekleedt Nederland een 21e plek. 


Accountantsorganisatie PwC onderzoekt jaarlijks de arbeidspositie van oudere werknemers. In de zogenaamde Golden Age Index worden verschillende indicatoren meegenomen zoals werkgelegenheid, inkomsten en trainingen. “Uit dit onderzoek blijkt maar weer eens dat Nederland kampioen deeltijdwerken is, een trend die al sinds de babyboomers van kracht is. Hierdoor blijft de economische kracht van ouderen al grotendeels onbenut”, aldus hoofdeconoom van PwC Jan Willem Velthuijsen. Ook zou de economische teruggang van de afgelopen jaren een aandeel hebben gespeeld. “Daarnaast zijn oudere werknemers relatief hard getroffen door de crisis omdat velen hun baan zijn kwijtgeraakt. Dit verklaart de zeer matige Nederlandse ranking.” e groep oudere werknemers in de OESO-landen groeit tot 2030 met een kwart tot over de 500 miljoen.

Druk op zorgsysteem
“Deze groep zet onmiskenbaar druk op ons zorgsysteem, sociale stelsel en heeft grote impact op de financiële zekerheid van bijvoorbeeld ons pensioensysteem”, vertelt Velthuisen. “Landen kunnen zich hiertegen wapenen door oudere werknemers veel beter een plek in de economie te geven. Hierbij stijgt het BNP en ook nemen belastinginkomsten toe.” Israël, Duitsland en Nieuw-Zeeland hebben sinds 2003 de grootste stappen voorwaarts gemaakt. Dit zou voornamelijk komen door een sterk toegenomen werkgelegenheid voor werknemers tussen de 65 en 69 jaar. Na IJsland benutten Nieuw-Zeeland, Zweden, Israël en Estland 55-plussers het beste op de arbeidsmarkt.

maandag 13 juni 2016

comité Herstelproject van Onrecht

50PLUS roept haar leden en sympathisanten op om zich bij het comité Herstelproject van Onrecht te melden als men wil helpen bij het organiseren van acties.

Tot op heden hebben enkele tientallen mensen dat al gedaan. Maar het comité kan meer hulp zeker nog gebruiken. Belangstellenden kunnen zich melden via het mailadres actie@50pluspartij.nl. 50PLUS zorgt ervoor dat alle mails in het bezit komen van het actiecomité. Eén vuist maken tegen het huidige kabinetsbeleid, dat is wat het actiecomité Herstelproject van onrecht wil. “De drie miljoen gepensioneerden moeten in actie komen om te zorgen dat het dalen van de pensioenen en het alsmaar stijgen van de zorgkosten stoppen. Sámen in actie, daar is het nú tijd voor”, vindt het comité.

“Het is nu tijd dat senioren zich laten horen. Ouderen leveren steeds meer in; hun koopkracht daalt jaar na jaar. Om dat te stoppen worden acties voorbereid. Iedereen die acties tegen het huidige kabinetsbeleid wil ondersteunen, kan zich melden.” Het actiecomité zegt dat er intussen een behoorlijke stroom van sympathie, begrip en strijdbaar medeleven op gang is gekomen. Bij 50PLUS bestaat brede steun voor het comité. Intussen is er twee keer overleg geweest met de partij. Ook werd met de ouderenbond Unie KBO gesproken. Het doel van het leggen van contacten is om niet versplinterd het geluid van de ouderen die zich zorgen maken te laten horen, maar met één mond te spreken.

Protestacties in voorbereiding
De groep Herstelproject van onrecht heeft al diverse protestacties in voorbereiding, zoals het op een ludieke wijze ‘bezetten’ van het politieke centrum van Den Haag, het massaal opzeggen van het lidmaatschap van politieke partijen die ouderen vergeten (om eventueel na de verkiezingen weer lid te worden als de partijen daadwerkelijk opkomen voor senioren) en het tijdelijk neerleggen van al het vrijwilligerswerk.

Eén van de speerpunten van het actiecomité is het uitdragen van heldere feiten. Zoals over de inkomsten en de uitgaven van de pensioenfondsen: vorig jaar kwam er 87 miljard euro bij de fondsen binnen en er werd 30 miljard uitgegeven. “De fondsen worden steeds rijker, zelfs in deze economisch moeilijkere tijden. Er is voldoende geld om de komende veertig tot vijftig jaar de pensioenen uit te betalen. Zowel de dertiger van nu als de zeventiger kan een goed pensioen krijgen. Wij zouden niet protesteren tegen de huidige pensioensituatie als er niet meer dan voldoende geld in kas is; we willen immers nooit onze kinderen tekort doen”, aldus een lid van het comité. Herstelproject van onrecht gaat de komende maanden de verkiezingsprogramma’s van alle politieke partijen goed uitpluizen en daar overzichten van maken die voor iedereen te raadplegen zijn.


comité Herstelproject van Onrecht

50PLUS roept haar leden en sympathisanten op om zich bij het comité Herstelproject van Onrecht te melden als men wil helpen bij het organiseren van acties.

Tot op heden hebben enkele tientallen mensen dat al gedaan. Maar het comité kan meer hulp zeker nog gebruiken. Belangstellenden kunnen zich melden via het mailadres actie@50pluspartij.nl. 50PLUS zorgt ervoor dat alle mails in het bezit komen van het actiecomité. Eén vuist maken tegen het huidige kabinetsbeleid, dat is wat het actiecomité Herstelproject van onrecht wil. “De drie miljoen gepensioneerden moeten in actie komen om te zorgen dat het dalen van de pensioenen en het alsmaar stijgen van de zorgkosten stoppen. Sámen in actie, daar is het nú tijd voor”, vindt het comité.

“Het is nu tijd dat senioren zich laten horen. Ouderen leveren steeds meer in; hun koopkracht daalt jaar na jaar. Om dat te stoppen worden acties voorbereid. Iedereen die acties tegen het huidige kabinetsbeleid wil ondersteunen, kan zich melden.” Het actiecomité zegt dat er intussen een behoorlijke stroom van sympathie, begrip en strijdbaar medeleven op gang is gekomen. Bij 50PLUS bestaat brede steun voor het comité. Intussen is er twee keer overleg geweest met de partij. Ook werd met de ouderenbond Unie KBO gesproken. Het doel van het leggen van contacten is om niet versplinterd het geluid van de ouderen die zich zorgen maken te laten horen, maar met één mond te spreken.

Protestacties in voorbereiding
De groep Herstelproject van onrecht heeft al diverse protestacties in voorbereiding, zoals het op een ludieke wijze ‘bezetten’ van het politieke centrum van Den Haag, het massaal opzeggen van het lidmaatschap van politieke partijen die ouderen vergeten (om eventueel na de verkiezingen weer lid te worden als de partijen daadwerkelijk opkomen voor senioren) en het tijdelijk neerleggen van al het vrijwilligerswerk.

Eén van de speerpunten van het actiecomité is het uitdragen van heldere feiten. Zoals over de inkomsten en de uitgaven van de pensioenfondsen: vorig jaar kwam er 87 miljard euro bij de fondsen binnen en er werd 30 miljard uitgegeven. “De fondsen worden steeds rijker, zelfs in deze economisch moeilijkere tijden. Er is voldoende geld om de komende veertig tot vijftig jaar de pensioenen uit te betalen. Zowel de dertiger van nu als de zeventiger kan een goed pensioen krijgen. Wij zouden niet protesteren tegen de huidige pensioensituatie als er niet meer dan voldoende geld in kas is; we willen immers nooit onze kinderen tekort doen”, aldus een lid van het comité. Herstelproject van onrecht gaat de komende maanden de verkiezingsprogramma’s van alle politieke partijen goed uitpluizen en daar overzichten van maken die voor iedereen te raadplegen zijn.


vrijdag 10 juni 2016

Grenzeloos Actief voor mensen met beperking van start

Op donderdag 2 juni werd tijdens het congres Sport & Business het visiedocument Regionaal Netwerk Aangepast Sporten voor jong en oud  ondertekend door alle zes gemeenten in Flevoland en de provincie. 

De sportparticipatie van mensen met een beperking blijft achter in vergelijking met mensen zonder beperking. 50PLUS Flevoland heeft in haar partijprogramma staan dat 'iedereen makkelijk dichtbij huis moet kunnen sporten'. Dat geldt ook met name voor mensen met een beperking. Dit komt tot uiting in de uitwerking van het nieuwe sport- en beweegbeleid voor mensen met een beperking. Onderdelen van het beleid Grenzeloos Actief  zijn het opzetten van regionale samenwerkingsverbanden en het versterken van sport- en beweegaanbieders.  Het aanbod op basis van de vraag vanuit de doelgroep en de interesse van de sport- en beweegaanbieder worden uitgewerkt.

Regionaal Netwerk Aangepast Sporten Flevoland
Het opzetten van het Regionaal Netwerk Aangepast Sporten Flevoland resulteert in 2018 tot het aanwezig zijn in iedere gemeente van een lokale adviseur Aangepast Sporten, dat er voor de doelgroep specifieke scholingen georganiseerd worden, dat er ieder jaar in november de maand voor het aangepast sporten georganiseerd wordt en dat er samengewerkt wordt met minimaal 75% van de zorgorganisaties en alle Speciaal Onderwijs Scholen. Het einddoel is dat er 10% meer mensen met een beperking aan het sporten zijn in de provincie Flevoland.

Het Regionaal Netwerk Aangepast Sporten wordt mogelijk gemaakt door samenwerking met de Provincie Flevoland, de Flevolandse gemeenten en Sportservice Flevoland.

maandag 6 juni 2016

Woonvisie Lelystad zwaar op de maag van ouderen(bonden)


LELYSTAD - 50PLUS Flevoland/Lelystad staat volledig achter de zorgen die het Overleg Samenwerkende Ouderenbonden Lelystad (OSOL) uitte in een reactiebrief op de woonvisie 2016-2020 die komende donderdag in de gemeenteraad aan de orde komt. 



Weergave van de reactiebrief van het OSOL: 
'In de Woonvisie wordt o.a. gewezen op de veranderingen in de zorgsituatie. Er is in de huidige samenleving een tendens om het mogelijk te maken ouderen langer zelfstandig te laten wonen. Wat wij niet lezen in deze visie is dat het aantal ouderen, en vooral het aantal 70 plussers nog steeds sterk toeneemt. In Lelystad zelfs meer dan proportioneel dan het landelijke gemiddelde. De demografische opbouw van Lelystad wijkt immers nog steeds af van het landelijk beeld. Dit heeft alles te maken met het gegeven dat de ‘jonge gemeente’ Lelystad in haar startperiode vooral jonge mensen, en jonge gezinnen heeft getrokken. Waarvan er velen, ook na het werkzaam deel van hun leven, graag in deze stad willen blijven wonen. Daarnaast worden we met elkaar steeds ouder.
We zien inmiddels dat er een wachttijd is voor ouderen om in aanmerking te komen voor een passende woning. Deze wachttijd loopt inmiddels op tot 3 jaar! Het behoeft geen verdere uitleg dat dit leidt tot onacceptabele situaties en zelfs schrijnende gevallen. Mede vanwege deze situatie (verhuizen niet mogelijk) wordt uitgeweken naar de mogelijkheid om met technische voorzieningen bestaande woonsituaties aan te passen dit om val-incidenten te voorkomen, waardoor minder zorgkosten en de te bieden hulp. Vaak blijkt echter dat vooral sanitaire voorzieningen moeilijk aangepast kunnen worden Daardoor blijven onacceptabele situaties bestaan. Met name als in dergelijke situaties extra hulp nodig is. (Niet alles kan met mantelzorg worden geregeld) Uit onze contacten blijkt dat veel ouderen graag naar een passende(r) woning – binnen Lelystad - willen verhuizen. Het huidige huis wordt om een aantal redenen veel te groot en het onderhoud van de tuin te belastend. De financiën zijn echter vaak niet beschikbaar voor een verhuizing. Een kleine ondersteunende vergoeding bij verhuizing kan daarbij dan een groot genoegen geven. Een belangrijk voordeel daarbij is dat een dergelijk woonhuis beschikbaar komt voor gezins-bewoning. Uit het voorgaande mag duidelijk worden dat er in Lelystad op korte termijn behoefte is aan passende woningen voor ouderen. Uit reacties uit heden en verleden die ons als OSOL bereiken blijkt dat passende huisvesting in de omgeving van de Winkelcentra, MFA en Zorgcentra zeer gewild is. Dit geldt zowel voor de huur- als voor de koopsector. Dit in tegenstelling tot wonen in de huidige woonwijken omdat met name het openbaar vervoer op vele punten wordt gemist (bezuinigingspost). Zo rijdt er in woonwijk de Kempenaar overdag geen stadsdienst meer. En ook het gratis openbaar vervoer voor 65-plussers is afgeschaft. Tevens wordt duidelijk dat gemengde woonvormen geen onverdeeld succes zijn. De levensstijl van jong en oud verdragen zich soms niet.
We vragen aandacht voor de woonsituatie / problematiek van de ouderen in Lelystad. Mede om daarmee te helpen voorkomen dat er over afzienbare tijd noodsituaties ontstaan.

Samenvattend.
Als gezamenlijke ouderenbonden, samenwerkend in het OSOL, vragen wij u als individuele raadsleden en fracties, en totaal als Raad van Lelystad, deze aandachtspunten mee te
nemen in besluiten over deze Woonvisie Lelystad 2016 – 2020. In het bijzonder vragen wij daarnaast uw aandacht en inzet om deze visie aansluitend op een voortvarende manier te vertalen in concrete uitwerking. De ouderen van Lelystad rekenen op uw inzet.